Blikopener
hogescholen, partners in innovatie

voeding en landbouw

 

Veredeling van planten

Gebruik van klassieke - en labotechnieken voor de ontwikkeling van nieuwe plantenvariëteiten

Ook voor KMO’s is de ontwikkeling van nieuwe plantenvariëteiten een absolute noodzaak. We hebben te maken met een veranderend, steeds wisselvalliger klimaat en een intensiever landbouwsysteem. Daardoor is er de noodzaak om efficiënter planten te telen. Door in een plantenveredelingsprogramma de focus te leggen op specifieke kenmerken werden de voorbije decennia plantenvariëteiten verkregen die resulteerden in een steeds hogere opbrengst, toegenomen ziekteresistentie of andere eigenschappen afhankelijk van de plantensoort.

Daar waar landbouwers decennia geleden zelf nog instonden voor de selectie van hun variëteiten, is veredeling nu een intensief programma binnen gespecialiseerde bedrijven of onderzoeksinstellingen. Daarbij vormen de klassieke veredelingsschema’s nog steeds de basis voor de ontwikkeling van nieuwe variëteiten. Ze worden aangevuld met specifieke labotechnieken zoals genetische merkerontwikkeling, ontwikkeling van biotoetsen voor bepaalde ziektes, microscopische technieken of genetic engineering. Nieuwe computersoftware zorgt hierbij voor de verdere verwerking van grote datasets aan informatie. De ontwikkeling van steeds betere variëteiten is dus meer en meer een samenwerking van diverse expertisedomeinen.

Dit heeft echter ook een keerzijde. Doordat veredelingsprogramma’s losgekoppeld werden van landbouwers verdwenen er wereldwijd heel wat lokale selecties. Deze lokale selecties blijken niet altijd even productief als de nieuwe variëteiten maar waren genetisch wel meer divers. Ze bevatten heel wat interessante kenmerken die verloren kunnen gaan. Voorbeelden daarvan zijn de smaak of een beter bufferend vermogen tegen wisselvallige klimaatcondities. Telerselecties werden steeds lokaal geselecteerd en hebben zich hierdoor optimaal aangepast aan lokale groeicondities. De intensifiëring van de plantenveredeling leidt dus onrechtstreeks tot een daling in de genetische diversiteit van de gewassen. Sinds het begin van de 20e eeuw neemt deze agrodiversiteit in sneltempo af. Cijfers van de Food and Agriculture Organisation van de Verenigde Naties (FAO, 1999) tonen aan dat ondertussen ongeveer 75% van de genetische diversiteit bij landbouwgewassen verloren is gegaan. Het verlies aan agrodiversiteit is een probleem erkend door de Rio Convention on Biological Diversity en ‘The sustainable development goals of the United Nations’. Naast een ruim aanpassingsvermogen aan een wijzigend klimaat en nieuwe uitdagingen op vlak van ziektes en plagen, betekent een ruime agrobiodiversiteit ook dat er een ruime genenpool aangeboord kan worden voor innovaties in diverse toepassingsdomeinen, zoals specifieke voedingscomponenten (anti-oxidantia, suikeralternatieven, …), vezels of brandstof.

Het opzetten van veredelingsprogramma’s met lokale boeren, ondersteund met het nodig wetenschappelijk onderzoek, kan hierbij de toename aan diversiteit van lokale gewassen terug stimuleren.

Werkt dit inspirerend?  Aarzel dan niet om ons te contacteren. 


Enkele goede pRAktijkvoorbeelden

  1. Veredeling van bataat

  2. Veredeling van Yacon

  3. In vitro regeneratie van chrysant



ContactEER Ons

U wil meer weten? U heeft misschien een specifieke vraag of een idee dat u eerder persoonlijk wil bespreken?
Neem dan contact op via onderstaande link.


Blikopener Nieuwsbrief

U wil graag op de hoogte gehouden worden van de activiteiten van Blikopener en nieuws over onderzoek en innovatie? Schrijf u dan in op onze nieuwsbrief.